Onderzoek, artikelen en discussies over mediahypes en de rol van de media bij de constructie van sociale problemen, schandalen, crises, rampen en risico's. 1996-2025
donderdag 11 januari 2001
Volendam: de ramp als media blockbuster
donderdag 14 december 2000
Zijn de media verantwoordelijk voor een overspannen beeld rond seksueel misbruik?
zaterdag 14 oktober 2000
Publieke opinie speelbal van bloedbaden
DAGBLAD VAN HET NOORDEN
14 oktober 2000
GPD Monique Brandt
Amsterdam - De schokkende tv-beelden van Israëlische soldaten die werden gelyncht door Palestijnen, staan vermoedelijk nog menig tv- kijker op het netvlies gegrift. Te meer daar het lijkt alsof er geen binnen- dan wel buitenlandse nieuwsrubriek is die de beelden niét tot in den treure op het scherm brengt.
De beelden hebben de publieke opinie over het steeds heviger oplopende conflict in het Midden-Oosten beslist beïnvloed. Dit nadat de Palestijnse zaak begin oktober aan 'sympathie' leek te winnen door de gruwelijke beelden van een twaalfjarig jongetje dat, ondanks de beschermingspogingen van zijn vader, werd doorzeefd door Israëlische kogels. De hoogst dramatische beelden werden in de gehele wereld beschouwd als symbolisch voor het Palestijnse leed. En iedereen leed mee. Maar het lynchen van de soldaten lijkt een deel van de internationale opinie weer pro-Israël te hebben verlegd.
Opinievorming
Tv-beelden beïnvloeden steeds vaker de opinievorming over gewapende conflicten, waar ook ter wereld, constateert Peter Vasterman, publicist en docent Massacommunicatie aan de School voor de Journalistiek in Utrecht. Vasterman heeft het boek 'De context van het nieuws' op zijn naam staan, en doet onderzoek naar mediahypes. Volgens Vas terman zorgen met name de eindeloze herhalingen van bepaalde, sterke beelden ervoor dat ze iconen worden die symbool staan voor een bepaald conflict. "Die iconen kunnen er soms voor zorgen dat de publieke opinie zo sterk wordt beïnvloed, dat het leidt tot een doorbraak."
Als voorbeelden noemt hij de beroemde Vietnam-foto waar- in een naakt meisje overdekt met brandwonden over de weg rent na een napalm-bombardement. Of de uit de jaren tachtig stammende beelden uit Somalië van het lijk van een Amerikaanse soldaat dat door de straten werd gesleept. Het was het sein voor de Amerikanen om zich uit dat land terug te trekken.
Volgens Vasterman zijn zulke heldere, eenduidig te interpreteren beelden voor de gewone consument een uitkomst in een tijd van overdaad aan nieuwsbeelden en nieuwsverhalen. Het is immers niet altijd even makkelijk de waarheid te destilleren uit het immense aanbod.
"Er is sprake van een ware medialawine. Daarbij zijn de conflicten vaak zeer ingewikkeld. Tien jaar geleden deden we het met één journaal en een paar nieuwsrubrieken waarbij de context veel meer centraal stond. Nu is het nieuws veel vluchtiger geworden: het wereldnieuws in één minuut. Een sterk beeld brengt een conflict terug tot de menselijke essentie, het maakt een conflict overzichtelijker."
TV-beelden
Volgens de deskundige is de toenemende invloed van nieuwswaardige beelden op de opinievorming overigens geen gunstige ontwikkeling. Tv- beelden maken soms hun eigen werkelijkheid. "Ze kunnen zeer bedrieglijk zijn. Een foto of een beeld van een bepaalde situatie is slechts een uitsnede. Je weet niet wat er voor is gebeurd, of wat er nog gaat gebeuren. De context ontbreekt. En die is juist belangrijk om een conflict te begrijpen, zeker als het gaat om vragen als: geven we een land militaire steun of juist niet? Grijpen we in, of niet?"
Vasterman vindt dat nieuwsmakers zich niet altijd even goed bewust zijn van de macht van het beeld.
"Veel in Israël aanwezige journalisten zijn zelf van Israëlische afkomst of joods, en hebben sympathie voor Israël. Dat uit zich niet overduidelijk, maar je merkt het wel.
Zo worden gevechten vrijwel altijd gefilmd vanaf de Israëlische kant. Als je als kijker zo'n groep stenen gooiende Palestijnen op je af ziet komen, is dat echt indrukwekkend. Ook zie je haast nooit Palestijnse woordvoerders op de buis. Nu zijn die er misschien ook niet zoveel, maar journalisten zou den wel meer moeite kunnen doen om ook de andere kant te belichten."
dinsdag 19 september 2000
De vonk, de ontbranding en het aanjagen van het vuur. Media en maatschappelijke verontwaardiging
zaterdag 19 augustus 2000
'Mediahype verdwenen kinderen onterecht'
DAGBLAD VAN HET NOORDEN
18 augustus 2000.
ANP
de mensen. En die sensatiezucht bestaat nu eenmaal." (anp)
Utrecht - De forse belangstelling van media voor verdwenen kinderen staat niet in verhouding tot de werkelijke nieuwswaarde. Dat zegt socioloog en mediadeskundige P. Vasterman. Volgens Vasterman maken sommige media onvoldoende hun verantwoordelijkheid waar om nieuws binnen de relevante context te brengen. Hype is mogelijk een te groot woord, maar dat nieuws in forse golfbewegingen over net- en trommelvlies komt, staat volgens Vasterman vast. De moord op Maartje Pieck leidde tot een grote belangstelling voor vergelijkbare nieuwsfeiten.
Reflexbeweging
"Dat is een reflexbeweging van de media", zegt Vasterman, die werkt aan een promotie-onderzoek over mediahypes aan de Amsterdamse universiteit. " Neem het voorbeeld van de 58 Chinezen in de vrachtwagen. Opeens zie je in de weken erna allerlei vrachtwagens opduiken met illegale immigranten. Je krijgt de indruk dat een stroom illegalen binnenkomt. Dat ebt in de maand erna weer weg. Niet dat minder mensen in vrachtwagens worden gevonden, maar de media vinden het dan wel weer genoeg geweest." De groei van het aantal infotainmentprogramma's zorgt voor een vruchtbare bodem voor mediahypes, denkt Vasterman. "Voor tv-programma's als Hart van Nederland en Vijf in het Land is dit aantrekkelijk. Het is menselijk, het is Nederland. Je kunt er gelijk een camerateam heensturen en je kunt het lekker aan de gang houden. De laatste update van de politiewoordvoerder, live, terwijl er eigenlijk niets te melden is." Bij voortdurende media-aandacht krijgen mensen het gevoel dat daadwerkelijk sprake is van een toename van, bijvoorbeeld, het aantal kindermoorden. Harde cijfers logenstraffen die indruk. "Er is helemaal geen plotselinge toename of afname. De vergelijkbare zaken worden door de media bij elkaar gebracht en dan wordt al snel geschreven over een golf. Onterecht. Daarmee creëren de media paniek en bezorgdheid. Journalisten moeten de context neerzetten, duidelijk maken wat de cijfers zijn. In journalistiek draait alles om relevantie. Als je alle details zonder echt nieuws gaat melden, is dat niet journalistiek relevant. Maar het is wel een tre
Bizar
De kindermoorden en verdwijningen voldoen volgens Vasterman aan de klassieke voorwaarden voor een kortstondige hype. "Je hebt een schokeffect nodig dat zo'n zaak neerzet. Iets bizars, een ongelooflijk verhaal. Als Privé schrijft: 'Zag Anton Pieck de moord op zijn kleindochter al aankomen?', is het dus aantrekkelijk geworden voor de media." Dat de stroom berichten over moord en doodslag in een behoefte voorziet, is volgens Vasterman een oud gegeven. " De belangstelling voor het sensationele is zo oud als het nieuws. De eerste kranten van vier eeuwen geleden stonden vol met gruwelijke zaken. Kijk maar naar tv. De meeste films hebben geweld, moord, seksueel misbruik als thema. Het prikkelt de sensatiezucht van
dinsdag 1 augustus 2000
Het is niet erger, we vinden het erger
zaterdag 15 juli 2000
'Golf van kindermoorden' is misvatting
de Volkskrant, 15 juli, 2000
Door: Toine Heijmans.
Media hebben steeds meer aandacht voor persoonlijke drama's zoals dat van Maartje Pieck. Het aantal moorden op kinderen stijgt niet, zeggen experts.
Het aantal kindermoorden neemt niet toe, maar daalt. Evenmin stijgt het aantal meisjes dat werd omgebracht na seksueel misbruik. 'Met grote verbazing' hoort I. Vogels van de Divisie Centrale Recherche Informatie (CRI) hoe verschillende media een golf van kindermoorden suggereren. Terwijl de toedracht van de dood van Maartje Pieck (15) nog onbekend is, legde het NOS-Journaal donderdag meteen verband met een oplopend aantal tienermeisjes dat de dood vond na te zijn misbruikt.
'Onzin', zegt Vogels. 'Vorig jaar waren er drie gelijksoortige zaken waarin een meisje werd meegenomen en vermoord. Dat is inderdaad meer dan in 1998, want toen was het er een. De jaren daarvoor schommelde het tussen de nul en twee zaken; dat zijn geen cijfers waaruit je iets kunt afleiden. Van een trend is geen sprake.'
Ook het aantal kindermoorden is zo klein, dat er nauwelijks iets over valt te zeggen. Vanaf 1992 schommelde het rond de tien, met een opmerkelijke stijging in 1996 (21) en 1997 (24). Vorig jaar werden elf kinderen onder de zestien omgebracht, dit jaar zijn het er negen. De omstandigheden waaronder de moorden plaatshadden, verschillen zo, dat vergelijken vrijwel onmogelijk is. Soms zijn de kinderen om het leven gebracht door hun (stief)ouders, soms door een crimineel, soms blijft de toedracht voor altijd onduidelijk.
Vogels begrijpt de gretigheid van de pers wel. 'Sinds de dood van Sybine Jansons is er veel aandacht voor dit soort incidenten.' De namen van Marianne Vaatstra, Chanel-Naomi Eleveld en - recent, in Schiedam - Nienke Kneiss zijn in het collectieve Nederlandse geheugen gegrift. Elk spoortje nieuw bewijs, elke zoektocht, elke juridische splinter wordt uitgebreid belicht.
Zo ontstaat vanzelf de idee dat de meisjes iets met elkaar gemeen hebben, zegt socioloog P. Vasterman, die promoveert op mediahypes. 'Of dat waar is, doet er niet toe. Het gevoel dat er een golf is van tienermoorden, maakt zichzelf waar doordat alleen gezocht wordt naar bevestiging, en niet naar ontkenning. De schokkende gebeurtenis zelf is voor de meeste media het belangrijkste, daaromheen wordt vervolgens een constructie gebouwd die het belang ervan breder moet maken. Heel kleine, irrelevante zaken kunnen dan enorme aandacht krijgen. '
Ook de zaak-Maartje Pieck is een hype in aanbouw, denkt Vasterman. Een vreselijk, persoonlijk drama trekt altijd de aandacht, zeker in de nieuwsluwe zomer; vroeger voornamelijk bij de populaire media, tegenwoordig ook bij de traditioneel meer terughoudende, serieuze pers. Trouw bijvoorbeeld bracht vrijdag groot een dramatische reportage die het verdriet van Kampen tot onderwerp had. Persbureau ANP publiceerde een lijst van eerdere drama's onder de kop 'Nederland regelmatig opgeschrikt door kindermoord'.
Dat is gevaarlijk, zegt psychiater prof. F. Beyaert, omdat het mogelijke daders op een idee kan brengen. Beyaert was directeur van het Pieter Baan Centrum in Utrecht, waar daders worden onderzocht. Hij ziet duidelijk verband tussen media-aandacht en het plegen van een delict, en pleit voor terughoudendheid bij journalisten.
'Het zijn gruwelijke, opzienbarende incidenten - ik kan wel begrijpen dat daar sensatie omheen ontstaat, dat er nieuws vergaard moet worden. Maar al die aandacht is niet verstandig. Daders laten zich beïnvloeden door publiciteit, sommigen houden ervan in de belangstelling te staan. Veel aandacht maakt het erger.'
Beyaert hoopt op meer discussie op de redacties en een kritische blik van het publiek. Die discussie is er zeker, zegt Vasterman. 'De vraag wat je als journalist aan moet met dit soort onderwerpen was het issue van het afgelopen jaar.' Desondanks blijft het de trend meer aandacht te geven aan persoonlijke drama's . 'Ook de serieuze media moeten wel, vanwege de concurrentie.'
Vasterman wijst erop dat hypes verlopen via een golfbeweging, en dat ook deze tot bedaren zal komen. Op een gegeven moment is het onderwerp uitgeput, en wordt naar iets anders gezocht. 'Het is maar waar je de schijnwerpers op zet. Een paar jaar geleden ging het om ouders die hun kinderen hadden gedood. Dat aantal zou ook toenemen. Een verband is nooit aangetoond. Op een gegeven moment is dat onderwerp uitgeput. Nog steeds worden kinderen door hun ouders omgebracht - maar nu horen we er niks meer over.'