dinsdag 30 april 2024

NRC Opinie: Dutch protocol in transgenderzorg is onhoudbaar.

CASS-onderzoek. Laat de Gezondheidsraad een onafhankelijk onderzoek doen naar de transgenderzorg in Nederland, betogen Jan Kuitenbrouwer en Peter Vasterman. 

Gepubliceerd in NRC van 29 april 2024. 

Published in English on DutchNews, May 9 2024.

De bom was al enige tijd onderweg, maar half april detoneerde hij dan. De Britse kinderarts Hilary Cass publiceerde haar onderzoek naar de huidige praktijk in de transgenderzorg. Met een team van tientallen onderzoekers werkte Cass, voormalig voorzitter van de Britse beroepsvereniging van kinderartsen, vier jaar lang aan een uitputtende review van al het beschikbare onderzoek op dit gebied. 


Met name het ‘Dutch Protocol’ had haar aandacht: van jongeren die van gender willen veranderen wordt de puberteit geblokkeerd en daarna krijgen zij ‘cross-sex’ hormonen om mannelijker dan wel vrouwelijker te worden. Het effect van deze behandeling is onomkeerbaar, die hormonen zal de patiënt de rest van zijn leven moeten blijven innemen.

Dat in Nederland ontwikkelde protocol gold jarenlang als internationale standaard. Maar volgens Cass is de wetenschappelijke basis uiterst zwak. Er is veel te weinig bewijs dat het echt werkt, terwijl de gezondheidsrisico’s aanzienlijk kunnen zijn. Bovendien is niet vast te stellen of een transidentiteit blijvend is. Kortom: dit is een experimentele behandeling van een onvoldoende begrepen aandoening. 


Voor insiders geen verrassing, in Zweden, Finland en diverse Amerikaanse staten werd al besloten het gebruik van puberteitsblokkers aan banden te leggen, vorige week volgde ook Schotland. In Engeland gebeurde dat reeds in 2022, op basis van Cass’ voorlopige rapportage. Wij schreven toen in NRC dat ook in Nederland een onafhankelijke review naar de transzorg moet worden uitgevoerd. Cass’ definitieve rapport bevestigt de urgentie: het Dutch Protocol is een medische Titanic, op weg naar een ijsberg. 



Het is steeds duidelijker geworden dat de patiënten die zich de laatste jaren in duizenden bij genderklinieken melden - driekwart meisjes - een heel ander type patiënt zijn dan waarvoor het protocol dertig jaar geleden bedacht werd. Zolang niet duidelijk is waar deze geëxplodeerde zorgvraag nu precies vandaan komt, moeten jongeren niet aan onomkeerbare behandelingen worden onderworpen, stelt Cass.

dinsdag 12 maart 2024

Review onderzoek UMCG: "Ruim één op de tien jongeren heeft tijdens de vroege tienerjaren de wens van het andere geslacht te willen zijn. Naarmate kinderen ouder worden, verdwijnt deze wens vaak."

“I wish to be of the opposite sex.”

"UMCG-onderzoek: twijfels over gender bij jongeren op latere leeftijd vaak weg. Dit blijkt uit het onderzoek Development of Gender Non‐Contentedness During Adolescence and Early Adulthood, gepubliceerd in Archives of Sexual Behaviour.” 

In het persbericht van het UMCG legt onderzoeker Sarah Burke uit dat het relatief vaak voorkomt dat jongeren vragen en twijfels hebben rondom hun genderidentiteit, maar dat dit hoort bij de puberteit en dat het normaal is. Hoewel de onderzoeksresultaten opvallend zijn -genderissues komen blijkbaar veel voor bij jongeren-  is er in de media maar weinig aandacht voor. NOS Nieuws en het Dagblad van het Noorden schrijven erover, maar voor de rest blijft het stil (zie aan het eind van dit stuk voor vervolgpubliciteit). 

En dat is jammer want dit onderzoek sluit aan bij de discussie over de oorzaken van de snel groeiende vraag van jongeren naar transzorg en de lange wachtlijsten. Op X zagen zowel de critici van die transzorg, als de belangenbehartigers het onderzoek als bevestiging van de eigen standpunten. Zie je wel: de gendertwijfel is bij veel jongeren tijdelijk, dus extra voorzichtigheid is geboden met ingrijpende behandelingen als puberteitsremmers. Of, zie je wel; er is een kleine groep bij wie de genderonvrede sterker wordt, dus die transzorg is hard nodig. 

Het onderzoek stelt dus dat er relatief veel jongeren zijn die op enig moment bezig zijn met het idee dat ze liever van het andere geslacht willen zijn. Maar liefst 19 procent van de onderzochte jongeren van 12 tot 25 speelt op enig moment wel eens met die gedachte. Bij kinderen van 12 zegt tien procent dat wel eens te denken, maar bij de meeste jongeren verdwijnt dat naarmate ze ouder worden. Behalve bij een kleine groep van twee procent bij wie dat gevoel juist sterker wordt naarmate ze volwassen worden. Dat komt vaker voor bij meisjes en bij jongeren met psychische klachten. 

Dat klinkt aannemelijk allemaal: maar hoe is dit precies onderzocht en is er wel voldoende bewijs voor deze conclusies? Zijn jongeren wel zoveel bezig met die zogenaamde genderonvrede? Neemt dat gevoel inderdaad af als ze opgroeien? En hoe zit het met die kleine groep bij wie dat gevoel toeneemt? Bij nadere beschouwing duiken de nodige conceptuele en methodologische problemen op, waardoor de conclusies minder stevig zijn dan ze worden gepresenteerd. 

Het lijkt erop dat deze studie de genderonvrede onder jongeren behoorlijk overschat, zowel kwantitatief als kwalitatief. Dat komt door de vage definitie van genderonvrede, het gebruik van maar één stelling met beperkte antwoordmogelijkheden en het boven op elkaar stapelen van resultaten. Bovendien is er in de loop der jaren een enorme uitval, waardoor conclusies over toe- en afnames wankel zijn. En de data van de algemene groep lopen maar tot 2016, dus van voor de grote toename bij de genderklinieken. 

vrijdag 16 februari 2024

Transgender mensen in de VS: vooral jong, non-binair en geboren als vrouw

In februari 2024 verschenen de voorlopige resultaten van “The 2022 U.S. Transgender Survey,” in opdracht van the National Center for Transgender Equality.  Doel van de uitgebreide vragenlijst is om de ervaringen van transgender mensen te beschrijven. 


Ruim 90.000 mensen ondervraagd


Het onderzoek is gebaseerd op 92.329 respondenten vanaf 16 jaar, onder wie 84.170 mensen ouder dan 18 jaar. De onderzoekers claimen representativiteit op grond van extra weging van verschillende factoren zoals leeftijd, ras/etniciteit, opleiding en regio om vertekening in de steekproef te voorkomen. Het onderzoek heeft niet vastgesteld hoeveel transgender mensen er zijn op de totale populatie. Het voorlopige rapport geeft de eerste resultaten weer over de kenmerken van de respondenten


Geboren vrouwen in de meerderheid 


Die bevestigen het internationale beeld dat -in tegenstelling tot vroeger- de transgender mensen die als vrouw zijn geboren in de meerderheid zijn, namelijk 55 tegen 45 procent. 



Non-binair grootste groep, vooral geboren vrouwen 

woensdag 31 januari 2024

Hoeveel jongeren zeggen een transgender of genderdiverse identiteit te hebben? Een analyse van de cijfers uit onderzoek ‘Seks onder je 25e’.

Ruim 92.000 jongeren (tussen 12 en 25 jaar) identificeren zich als transgender, genderdivers of non-binair, dat zijn er bijna 29.000 meer dan vijf jaar geleden. Een toename van 45 procent. De toename komt vooral voor rekening van de meisjes die nu 63 procent van deze groep uitmaken. Vooral 'non-binair' en 'gendertwijfel' zijn sterk toegenomen in tegenstelling tot de transgender identiteit. Dat zijn de belangrijkste resultaten van het onderzoek Seks onder je 25e ten aanzien van genderidentiteiten. 

Onlangs verschenen de resultaten van het onderzoek 'Seks onder je 25e', dat om de vijf jaar wordt gehouden onder tienduizenden jongeren in Nederland. Dit is het vierde onderzoek na edities in 2005, 2012 en 2017. Uitgevoerd door Soa Aids Nederland en Rutgers in opdracht van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en het RIVM. 

In de media was vooral aandacht voor het feit dat de leeftijd voor de ‘eerste keer’ blijft stijgen. Maar het onderzoek stelt ook vragen over genderidentiteit. Jongeren is gevraagd of ze volgens hun gevoel een jongen, een meisje, tussen een jongen en meisje in, zowel jongen als meisje, of geen jongen en ook geen meisje zijn, zich anders te voelen of dit nog niet te weten. Als het antwoord ‘het tegenovergestelde van toegewezen sekse’ is, geldt dit als ‘transgender’ identiteit. De andere antwoorden vallen onder de categorie ‘genderdivers’. Als iemand zich geen jongen of meisje voelt betekent dat een non-binaire identiteit. De onderzoekers gebruiken dezelfde categorieën als bij de vorige editie in 2017, op één nieuwe antwoordcategorie na namelijk: ‘tussen jongen en meisje in.’ Zie Tabel 3.2.1 uit het rapport, pagina 28.

dinsdag 30 januari 2024

NPO/Human Medialogic documentary: "The battle for transgender care" is now available with English subtitles (2021)

Argos Medialogica Battle for Transgender Care

In Dutch with English subtitles here

Last summer, the transgender community protested against the problems in Dutch transgender care. Activists are given space in the media to express their concerns and grievances about this. They argue for a fundamentally different design of healthcare. But according to critics, there is little room in the Dutch media for possible downsides or trade-offs within this theme.

Argos Medialogica decided to investigate transgender care following an opinion piece in the NRC Handelsblad. Media sociologist Peter Vasterman argued that journalism does not report broadly and critically enough, for example about the possible role of social influences in young people's choice to transition. A discussion that, according to Vasterman, is being held abroad, but receives little attention in the Netherlands.

According to trans activists, the media spread trans hatred by paying attention to these critical questions. To what extent does this mean that as a journalist you should not publish about it? Shouldn't a scientist do research into it? Medialogic delves into the transgender dossier and investigates whether there is indeed more going on in transgender care than we see and hear in the Dutch press. And whether an open discussion about this is actually possible.

Documentary makers: Myrthe Buitenhuis and Martine Braam

Sunday, December 26 at 9:49 PM on NPO 2

In Dutch with English subtitles here




dinsdag 9 januari 2024

Radio 1, Wat zijn de oorzaken en gevolgen van de ruk naar rechts op 22 november?


In De Ronde Tafel van Roderick kijkt Roderick Veelo met zijn gasten terug op de politieke aardverschuiving van 22 november 2023. Hoe kan het dat de winst van de PVV als een verrassing werd gezien? Hoe gaat het nieuwe kabinet er uitzien? En wat zijn de lessen die de politieke partijen kunnen leren voor toekomstige verkiezingen? De antwoorden op deze vragen komen van: voormalig VVD-Kamerlid Han ten Broeke, mediasocioloog Peter Vasterman, onderzoeker en geograaf Josse de Voogd en oud-SP-Kamerlid Ronald van Raak.

donderdag 16 november 2023

Hoezo polarisatie en verharding van het debat over transgenderzorg? Radboud transgender rapport op de snijtafel

Het media-onderzoek van de Radboud Universiteit doet niet wat het belooft, namelijk onderzoeken wat de rol is van de (sociale) media bij de toename van de vraag naar transgenderzorg. Wel betrekken de onderzoekers over de media allerlei stellingen die ze helemaal niet onderzocht hebben.
Een kritische analyse van het hoofdstuk over de (sociale) media in dit onderzoeksrapport en een schets van de vraagstellingen die wel onderzocht hadden moeten worden. Door: Peter Vasterman, mediasocioloog.  


"Mijn gender, wiens zorg? Onderzoek naar de toename in en veranderingen van de vraag naar transgenderzorg." (2023). Auteurs: Enny Das, Marion Wasserbauer, Charlie Loopuijt, Ilona Plug, I., Aafke Uilhoorn,  Anna van der Vleuten & Chris Verhaak.

 




Download artikel in PDF

 

Inhoudsopgave

Inleiding

Samenvatting in 10 punten

De context: empowerment of contagion.

Hoe is de rol van de (sociale) media onderzocht?

Wat levert de inhoudsanalyse op?

Houding journalist problematisch

Berichtgeving positief: toch verharding en polarisatie?

Conclusies nieuwsmedia wankel

De Twitter analyse

Samenhang theorie en empirie zwak.

De zichtbaarheidstheorie en het media-onderzoek

Empowerment theorie gebaseerd op essentialisme

Tot slot

Eindnoten

 

-------------------------------------------------------------

 

Inleiding

    Hoe valt de sterke toename van het beroep op de transgenderzorg de afgelopen jaren te verklaren? En wat is de verwachting voor de toekomst? Dat was op verzoek van de Tweede Kamer de onderzoeksopdracht van het ministerie van VWS aan de Nijmeegse onderzoekers van de Radboud Universiteit.

    De belangrijkste conclusie van het rapport "Mijn gender, wiens zorg?" dat in mei verscheen, is dat niet valt aan te tonen dat de toename van de zorgvraag het gevolg zou zijn van een sterke toename van het aantal transgender personen. Wel zorgt gebrek aan maatschappelijke acceptatie (minderheidsstress genoemd) voor een groeiende vraag naar specialistische (lees medische) transgenderzorg. Maar volgens de onderzoekers is dat een fuik waardoor een maatschappelijk probleem wordt gemedicaliseerd met een medische behandeling als eindresultaat.

 

Mijn gender, wiens zorg? P. 3


    Wat de rol van de (sociale) media betreft concluderen de onderzoekers dat deze aan de ene kant meer herkenning bieden en meer zichtbaarheid, maar dat ze aan de andere kant zorgen voor verharding en polarisatie die acceptatie kan schaden.

"Aan de hoeveelheid en inhoud van de media kunnen we afleiden dat de zichtbaarheid van transgender personen in de afgelopen jaren is toegenomen. De toon van het debat is over het algemeen positief, maar verhardt en polariseert in de meest recente jaren." (p.67)

De sociale media bieden vooral mogelijkheden om de genderidentiteit te ontwikkelen via contacten met anderen met dezelfde gevoelens:


"Sociale media kunnen bijdragen aan het vinden van taal, informatie en lotgenoten." Maar: "Dit betekent niet dat een (cis- of trans-) persoon in interactie met de transgendergemeenschap tot transgender ‘gemaakt’ wordt." (p.30).

 

    Maar hoe hebben de onderzoekers dit onderzoek naar de rol van de (sociale) media aangepakt? Hoe is de berichtgeving onderzocht en hoe jongeren omgaan met sociale media? Zijn alle relevante vragen wel aan bod gekomen? Bijvoorbeeld over de invloed van de (sociale) media op de identiteitsontwikkeling van jongeren? Of bijvoorbeeld over de framing van transgenderissues in de berichtgeving? Wat valt er te zeggen over de wetenschappelijke kwaliteit van het onderzoek? Zijn de conclusies over de verharding en polarisatie gerechtvaardigd op grond van de inhoudsanalyse?

    Deze evaluatie van het Radboud media-onderzoek is belangrijk omdat het rapport een grote rol speelt in discussies over de sterke toename van het aantal jongeren dat een beroep doet op de transgenderzorg. In deze bespreking kijken we niet alleen naar de wetenschappelijke kwaliteit van het onderzoek, maar ook naar de onderzoeksvragen die op dit moment centraal staan in de mogelijke verklaringen voor de toename van het aantal transgender personen in de afgelopen jaren.





woensdag 1 november 2023

Statistieken transgenderzorg deel 2: nieuwe data aanmeldingen Amsterdam

Er zijn eindelijk actuele cijfers beschikbaar over het aantal aanmeldingen bij de genderkliniek in Amsterdam over de afgelopen vier jaar. Het Kennis- en Zorgcentrum voor Genderdysforie (KZcG) van Amsterdam UMC heeft een soort jaarverslag gepubliceerd, getiteld Samenwerken aan betere genderzorg dichter bij huis. Jaarbeeld 2019-2022. Het vorige rapport Genderzorg in ontwikkeling Jaarbeeld 2011 - 2018 dateert uit 2019. 

Bron Jaarbeeld 2019-2022

In het nieuwe rapport staan de cijfers over de aanmeldingen van 2019 tot en met 2022 in een grafiek uitgesplitst per maand. Het is niet duidelijk waarom de jaren per maand met elkaar worden vergeleken, dat zou alleen zin hebben als die registratie per maand bijzondere betekenis zou hebben. Dat lijkt hier niet het geval. Bovendien geeft deze grafiek geen goed beeld van de ontwikkelingen in die vier jaar. Als we alle cijfers vanaf 2000 tot en met 2022 bij elkaar zetten, zien we de volgende trends.