zaterdag 16 augustus 2014

Rampen, oorlogen, moordpartijen en ziektes. We worden moedeloos van deze slechtnieuwszomer. - Een zomer vol ellende


De Gelderlander,  zaterdag 16 augustus 2014

"Mensen raken niet afgestompt. Ze zijn juist enorm betrokken en vragen zich af wat ze kunnen doen. Rondom de MH17 werd van alles georganiseerd", reageert mediasocioloog Peter Vasterman van de Universiteit van Amsterdam. "Het grote verschil met vroeger is dat we voortdurend online kunnen zijn, ook op vakantie. De algemene trend is dat groot nieuws steeds groter wordt. Het is langer in de publiciteit, van meerdere kanten belicht en persoonlijker met verhalen over slachtoffers en van nabestaanden. Het zou interessant zijn een vergelijking te maken tussen de vliegramp nu en die in Tenerife in 1977."

maandag 23 juni 2014

De dader vindt het leuk om gefilmd te worden

Drie filmpjes waarin jongeren elkaar schoppen leidden deze week tot veel ophef. Is er nu meer geweld dan vroeger? 
Lees verder in NRC Handelsblad van 21 juni 2014 

woensdag 18 juni 2014

Geweldsinflatie: cijfers, definities en methoden in het rapport van de Nationaal Rapporteur Mensenhandel

In haar reactie op mijn opiniestuk in NRC Handelsblad op 2 juni over de opgeblazen misbruikcijfers stelt Corinne Dettmeijer, de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen, dat “minder erg seksueel geweld ook erg is.” Daarmee bevestigt zij precies de begripsinflatie die ik bekritiseerde in mijn stuk: ‘minder erg’ is niet ‘even erg’, maar ‘minder erg’, daarom noemen we ‘minder erg.’ En dus is niet alles seksueel geweld, tenminste niet in de betekenis van die termen in het gangbaar taalgebruik. Door alles maar geweld te noemen vallen nuances weg.

























Dat de hoge cijfers voor seksueel geweld in het rapport Op goede grond, De aanpak van seksueel geweld tegen kinderen van de Nationaal Rapporteur Mensenhandel Dettmeijer gebaseerd zijn op begripsinflatie blijkt vooral uit het feit dat Nederland dan met die 42 procent geweld tegen meisjes (tot 18 jaar) eenzaam aan de top van de wereldranglijst zou staan. Op de tweede plaats Australië met 21,5 procent, gevolgd door de VS met 20 procent, terwijl België op 8,9 procent uitkomt.[1] Ook overtreffen haar cijfers die van het eerste onderzoek van Nel Draijer[2] eind jaren tachtig die op een op drie ‘ooit’ uit kwam voor vrouwen in alle leeftijdsgroepen.

Bovendien wekt de graphic van de trechter (zie bovenstaande illustratie) de indruk dat al die 62.300 gevallen van seksueel geweld ten onrechte maar zelden bij de hulpverlening en justitie terecht komen. 

maandag 16 juni 2014

Burgerjournalistiek: het debat tussen Bart Brouwers en Peter Vasterman





Dit zijn fragmenten uit een uitzending over burgerjournalistiek, gemaakt door studenten van de Master Televisie van Mediastudies, Universiteit van Amsterdam. Opgenomen op 7 mei 2014.

dinsdag 3 juni 2014

Seksueel geweld een ware hype

De geweldsinflatie, vooral wat misbruik betreft, neemt absurde vormen aan, aldus Peter Vasterman 

Schokkend’, vond rapporteur Corinne Dettmeijer. ‘Ja, daar schrik ik ook van’, beaamde Opstelten.


Het begint zo langzamerhand een traditie te worden: de publicatie van steeds schokkender cijfers over huiselijk geweld, kindermishandeling of seksueel geweld tegen kinderen. Telkens zouden er tienduizenden, honderdduizenden en soms zelfs miljoenen slachtoffers zijn – zoals ooit bleek uit een onderzoek naar huiselijk geweld.

NRC Handelsblad, 2 JUNI 2014

maandag 2 juni 2014

Seksueel geweld een ware hype

De geweldsinflatie, vooral wat misbruik betreft, neemt absurde vormen aan aldus Peter Vasterman 

Gepubliceerd in NRC Handelsblad van 2 juni 2014 

Het begint zo langzamerhand een traditie te worden: de publicatie van steeds schokkender cijfers over huiselijk geweld, pesten op het werk, ouderenmishandeling, kindermishandeling, misbruik in jeugdhuizen of seksueel geweld tegen kinderen. Telkens zouden er tienduizenden, honderdduizenden en soms zelfs miljoenen slachtoffers zijn -zoals ooit bleek uit een onderzoek naar huiselijk geweld.

Die enorme aantallen en de bijbehorende media aandacht wekken bij het publiek de indruk dat er sprake is van een zeer ernstige misstand. Daarna volgen de gebruikelijke rituelen: de minister is ‘geschokt’, de oppositie ‘verbijsterd’ en de hulpverleners ‘machteloos’, dat wil zeggen, zolang er niet meer geld vrijkomt voor de bestrijding van deze epidemie van geweld. Maar eerst is vooral meer onderzoek nodig.

“’Schokkend’, vond rapporteur Corinne Dettmeijer. ‘Ja, daar schrik ik ook van’, beaamde Opstelten.”

zaterdag 17 mei 2014

Mediasocioloog: Slachtoffer na ramp kritischer bevragen

16-05-2014 20:58 | gewijzigd 16-05-2014 21:12 | J. Visscher

Media zouden vermeende slachtoffers van rampen kritischer moeten bevragen. Nu is het verhaal van een slachtoffer heilig.
Dat stelde mediasocioloog dr. Peter Vasterman vrijdag in Amsterdam. Hij was een van de sprekers op een bijeenkomst over rampenjournalistiek. „Media moeten beseffen dat waarnemingen van slachtoffers subjectief zijn. Journalisten moeten vermeende slachtoffers meer vragen of ze weten waar ze het over hebben.
Reformatorisch Dagblad 17 mei 2014.

dinsdag 6 mei 2014

Rampenjournalistiek: ‘Geen gevaar voor de volksgezondheid’

De risico’s van een grote brand in een chemisch bedrijf worden vaak hoger ingeschat dan die van een brand in de vrije natuur. Hoe versla je zo’n chemiebrand kritisch en verantwoord zonder onnodige verontrusting te veroorzaken?





van  tot 
Locatie: NRC Café, Amsterdam


Het Expertisecentrum Journalistiek organiseert op 16 mei samen met het RIVM, de UvA, GGD Groningen en Brandweer Groningen een symposium voor journalisten die vaker in het bluswater hebben gestaan.
‘Geen gevaar voor de volksgezondheid’, zeggen de autoriteiten vaak direct na het uitbreken van een grote brand of chemieramp. Een boodschap die suggereert dat er geen gevaarlijke stoffen zijn vrijgekomen. Maar met de opstijgende gifwolken op de achtergrond gaan de alarmbellen juist rinkelen bij deze geruststellende woorden. Zowel bij de omwonenden die zich zorgen maken, als bij de verslaggevers ter plekke die meteen kritische vragen gaan stellen, toxicologen raadplegen en lijsten publiceren met giftige stoffen die in rook zijn opgegaan.