dinsdag 10 maart 2026

Transgender als taboe


Mediasocioloog Peter Vasterman: Kritische journalistiek vraagt om veel moed.


Interview in Gendergids. Navigeren in het landschap van gender, identiteit en zorg. 
Elise van Hoek, Henk Jochemsen, Bart Jan Spruyt en Tineke van der Waal (redactie).  Utrecht 2026. 


Veertig jaar lang leidt dr. Peter Vasterman (1951) journalisten op en als mediasocioloog doet hij onderzoek, onder andere naar mediahypes en de rol van de media bij de constructie van issues, crises en schandalen. Een opiniestuk van zijn hand in NRC Handelsblad brengt hem in mei 2021, als hij al is gepensioneerd, zelf middenin een mediastorm. Bij een kop koffie in een rustige Haagse sociĆ«teit deelt Vasterman zijn inzichten over de moeizame relatie die Nederlandse media met het onderwerp transgender hebben. Een thema dat hem niet loslaat.

 

Vasterman verwijt de Nederlandse media in het bewuste opinieartikel onvoldoende kritisch met gendertransities bij minderjarigen om te gaan. Hij wijst erop dat voorheen vooral jongens zich bij genderklinieken meldden, maar dat het nu vooral pubermeisjes betreft; drie keer zo veel meisjes als jongens. Vasterman onderbouwde zijn artikel met tal van wetenschappelijke bronnen, omdat hij vanwege de gevoeligheid van het onderwerp zorgvuldig te werk wilde gaan. “Op het stuk kwamen ongelooflijk veel berichten los, vooral negatief en beschuldigend. Ik had me van tevoren niet gerealiseerd dat de reacties zo heftig zouden zijn en dat de berichten met aanvallen en beledigingen wel een paar weken zouden blijven binnenstromen. Het woord “transfoob” kwam talloze keren langs. Mijn beweringen zouden onwetenschappelijk zijn en ik zou levens in gevaar hebben gebracht. Een voormalige collega liet zelfs weten dat hij zich schaamde dat hij ooit met mij had samengewerkt.” Er komen ook positieve berichten en mails van bezorgde ouders die blij zijn dat Vasterman het gemis aan evenwichtige berichtgeving “eindelijk” benoemt.

 

Ideologische move

Toch moet het opiniestuk uit onverdachte hoek zijn gekomen. Vasterman werkt jarenlang als docent bij de afdeling mediastudies aan de UvA – de universiteit heeft altijd een uitgesproken links karakter gehad – en schaart zichzelf politiek-ideologisch bovendien in het progressieve kamp. “Ik studeerde Sociologie in de wilde jaren van de bezettingen. In mijn eerste studiejaren kwamen het feminisme, de militante marxistische Afro-Amerikaanse Black Panthers, racisme en andere progressieve thema’s langs. Nog steeds heb ik Karl Marx’ driedelige Das Kapital in de boekenkast staan, indertijd helemaal doorgeploegd.”

Toen ik me in het thema transgender ging verdiepen, moest ik een ideologische move maken. In mijn visie hoorde dit altijd in het pakket homoseksualiteit en progressie thuis. Maar als je in het onderwerp duikt, komt er een splitsing in het ideologische veld. Het is een nieuw gebied, anders dan de links-liberale ideologie waar ik min of meer onderdeel van uitmaakte en uitmaak.”


Het is volgens Vasterman moeilijk om in de Nederlandse cultuur tegen vernieuwing te zijn. “Wij zijn een progressief land. Transgender zijn is op een bepaalde manier ook progressief. Als je bezwaren ziet, word je al snel gelabeld en gecanceld. Dan houdt het gesprek op. Je moet uit deze bubble stappen om nieuwe dingen te zien. In het begin was ik bang om over dit onderwerp te lezen. Ik vertrouwde de publicaties erover helemaal niet. Dit zijn allemaal rechtse, christelijke, ultraconservatieve auteurs, dacht ik, moet ik dit wel lezen? Maar dat beeld bleek helemaal niet te kloppen. Je ontdekt dat transgender een heel ander onderwerp is en dat is voor veel mensen moeilijk.”